Nieuwe regels maken auto’s in 2026 nog vervelender

Vergroot foto
Door: BV 23-01-2026

Wie met een nieuwe auto rijdt, weet het al: veiligheidssystemen zijn geen stille helpers meer. Ze piepen, trekken aan het stuur, remmen te pas en te onpas en geven opvallend vaak de verkeerde maximumsnelheid weer. In 2026 wordt het alleen maar erger, want de Europese crashtests leggen – ondanks aanhoudende kritiek – de nadruk nog meer op elektronische hulpsystemen.

Euro NCAP is een onafhankelijke, maar zwaar gesubsidieerde instantie die er begin deze eeuw voor zorgde dat structurele veiligheid eindelijk centraal kwam te staan. Dat deed ze door gemakkelijk interpreteerbare veiligheidsscores te introduceren. Dat had snel effect: auto’s werden op korte tijd veel veiliger bij een ongeval. Sinds die kaap is genomen, verschuift de focus echter steeds verder richting elektronica. Niet op basis van bewezen veiligheidswinst, maar op theoretische modellen en labo-testen.

Veiligheid volgens het labo

Systemen worden beoordeeld op hun functioneren in gecontroleerde omstandigheden, niet op hoe ze zich gedragen in het echte verkeer. Of een rijhulpsysteem voortdurend onnodig ingrijpt, telt niet mee. Het resultaat is dat auto’s duurder worden en in de praktijk vaak gewoon irritant zijn om mee te rijden. Ze overstelpen de bestuurder met nutteloze en onnauwkeurige alarmen. Ze uitschakelen of leren negeren is dan het enige logische gevolg.

Constructeurs jagen die vijf sterren na omdat ze een verkoopargument blijven. Voor de consument wordt het daardoor steeds belangrijker om niet alleen naar het eindresultaat te kijken, maar naar de samenstelling van de score. Een auto die structureel zeer veilig is, maar punten verliest omdat hij minder rijhulpsystemen heeft, kan in de praktijk wel eens de betere keuze zijn.

De bestuurder in het vizier

Goed nieuws: dit jaar legt Euro NCAP ook wat meer nadruk op letselrisico’s. Auto’s waarin bij een crash een hoog risico op ernstig letsel bestaat, worden strenger afgestraft. Ze kunnen hun gebrek niet meer compenseren met een goede score elders. Tegelijk wordt het arsenaal aan elektronica verder uitgebreid en komt nu ook de bestuurder zelf nadrukkelijk in beeld.

Wetgeving maakt het onvermijdelijk

Dat is geen vrijblijvende keuze meer, maar wetgeving. In het kader van de Europese General Safety Regulation wordt aandacht- en vermoeidheidsdetectie verplicht. Voor nieuwe voertuigtypes (auto’s die vanaf dan op de markt gebracht zijn) geldt die verplichting al sinds juli 2024, maar vanaf 7 juli 2026 moet elke nieuwe auto die in Europa wordt verkocht standaard beschikken over geavanceerde bestuurdersmonitoring.

Concreet betekent dat: een camera die ogen en hoofdbewegingen volgt en ingrijpt wanneer het systeem denkt dat je niet oplet. Praktijktests zijn zelden mild voor zo’n systeem. Een normale blik over de schouder, nochtans essentieel in het verkeer, volstaat soms al om een waarschuwing te activeren. Veiliger op papier, maar in de praktijk vooral vermoeiend om mee te rijden. Auto’s worden slimmer, maar ook dwingender, zonder dat bewezen is dat deze systemen ook echt helpen. Het systeem mag overigens uitschakelbaar zijn. Maar bij elke nieuwe start, moet het verplicht weer aan staan.