Vanaf 1 januari 2026 komt er bij de aankoop van een elektrisch, hybride, of plug-in hybride voertuig een extra milieubijdrage bij. Die is specifiek voor de aandrijfbatterij en afhankelijke van de samenstelling en de grootte ervan.
Febelauto wil met de milieubijdrage (voor de auto’s die al meest milieuvriendelijk worden aangeprezen) de toekomstige verwerking van hoogspanningsbatterijen financieren. De batterijbijdrage komt bovenop de bestaande milieubijdrage voor de recyclage van het voertuig.
Massaal meer aandrijfbatterijen voor ontmantelilng
De volumes zitten intussen stevig in de lift. In 2021 werd nog maar 31 ton aan aandrijfaccu’s (België en Luxemburg) ingezameld. In december stond het totaal voor 2025 al boven 410 ton. Bovendien breidde het toepassingsgebied uit, naar onder meer vrachtwagens, bussen, aanhangwagens en motoren met een batterij van meer dan 25 kg, in lijn met de Europese batterijverordening.
| Gewicht | NiMH/NMC/andere batterijen (EUR) | LFP-batterij (EUR) |
| <= 40 kg | 5 | 10 |
| 40 kg tot 100 kg | 15 | 30 |
| 100 kg tot 350 kg | 25 | 50 |
| 350 kg tot 1000 kg | 50 | 100 |
| + 1000 kg | 0.1 per kg | 0.2 per kg |
De bijdrage moet de hele keten dekken: inzameling via verkooppunten of erkende centra, diagnose, diep ontladen en ontmanteling, gevolgd door transport naar herbruiktoepassingen - en recyclagepartners. Febelauto benadrukt dat een batterij buiten het voertuig als gevaarlijke afvalstof wordt beschouwd, met strikte regels voor opslag en transport. Een deel van de bijdrage gaat naar verplichtingen als rapportering, registratie en sensibilisering rond veilig omgaan met hoogspanningsbatterijen.
Hergebruik moet buffer vormen
Hergebruik is volgens febelauto een belangrijke tussenstap. Modules die nog bruikbaar zijn maar niet meer goed genoeg zijn voor gebruik in auto’s, kunnen na testen hergebruikt worden in stationaire energie-opslagsystemen. Pas daarna volgt recyclage, waarbij onder meer kobalt, nikkel, lithium en koper worden teruggewonnen. Omdat gespecialiseerde recyclagecapaciteit nog volop opschaalt, wil de sector vermijden dat de verwerking achterop raakt.